Het decreet lokaal cultuurbeleid

Met het decreet lokaal cultuurbeleid, voluit het Decreet van 13 juli 2001 houdende het stimuleren van een integraal en kwalitatief lokaal cultuurbeleid, wil de Vlaamse Gemeenschap de aandacht voor cultuurbeleid op het gemeentelijk vlak vergroten. Het decreet stuurt enerzijds de werking van de openbare bibliotheken en de cultuurcentra en anderzijds de koers van het gemeentelijk cultuurbeleid tout court.

De Vlaamse overheid erkent de gemeente als een volwaardige partner in het lokaal cultuurbeleid en geeft hen via deze nieuwe regelgeving meer beleidsruimte en meer beleidsverantwoordelijkheid. Met het oog op het creëren van meer diversiteit en variatie in het cultuurlandschap moedigt het nieuwe decreet de gemeenten aan eigen keuzes te maken (‘maatwerk ter plaatse’) en de cultuurdomeinen en de werking van de cultuuractoren lokaal af te stemmen door samenwerking.

Integraal staat hierbij voor samenhang tussen de diverse functies van cultuur, zoals creatie (productie), presentatie (spreiding), zorg voor erfgoed (bewaring) en verhogen van de culturele competentie. Kwalitatief wordt gedefinieerd in termen van deskundigheid, strategische aanpak, participatie van betrokkenen en een (beter) evenwicht tussen vraag en aanbod.

Het decreet legt de nadruk op openheid, inspraak en samenwerking, niet alleen binnen maar ook tussen de gemeentes.