Monseigneur Paredis, bisschop van Roermond
Johannes Augustinus Paredis (Bree, 28 augustus 1795 – Roermond, 18 juni 1886) werd geboren in het Smeetjenhof, een kleine boerderij even buiten de Gerdingerpoort. In 1815 startte hij zijn studies aan het seminarie in Luik. Op 25 maart 1821 werd hij priester gewijd te Mechelen en benoemd tot kapelaan van de Kristoffelparochie in Roermond. In 1828 werd hij tot pastoor benoemd in Herkenbosch en in 1830 bekleedde hij het ambt van deken in Roermond.
Omwille van de splitsing van Limburg in een Nederlands en Belgisch deel in 1839 was het noodzakelijk geworden om in de nieuwe Nederlandse provincie Limburg een eigen kerkelijk bestuur in te richten. Dat gebeurde op 2 juni 1840 met de instelling van het apostolisch-vicariaat Limburg. Deken Johannes Paredis werd op 24 november apostolisch vicaris en titulair-bisschop van Hirene. Als zodanig werd hij op 30 juni 1841 gewijd te Roermond. In 1853, met het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland werd het mogelijk om bisdommen op te richten. Johannes Augustinus Paredis uit Bree werd zo bisschop van Roermond. Zo werd ook de oude zetel van Roermond uit 1559, die stand had gehouden tot 1801, hersteld.
In het koor van de Sint-Trudokerk van Opitter, achter het schitterende retabel, bevinden zich drie glasramen. Onder aan het rechtse glasraam staat het opschrift HanC J.A. PareDis DioCaesIs RVraepoLIs epIsCopUIs DonaVIt – 1872 (J.A. Paredis, bisschop van Roermond heeft dit (glasraam) geschonken in 1872).
