Foedraalsluiting

Foedraalsluiting

Sluiting waarmee de lederen kaft van boeken geklemd werd om opkrullen van de bladzijden tegen te gaan en om het boek ordentelijk te kunnen bewaren. Werd meestal gebruikt voor gebedenboeken.

  • materiaal: koper
  • houder: lengte 3,97 cm, grootste breedte 2,9cm, dikte 1,2 mm
  • sluitstaafje is 2,07 cm lang en heeft een diameter van 2,8 mm
  • de nagelgaatjes hebben een diameter van 2 mm
  • de nageltjes zijn 1,2 cm lang en 1,5 tot 2 mm dik
  • op de rugzijde is een gedreven lijnversiering aangebracht met arceringen tussen het lijnenspel

De haak bestaat uit twee koperen plaatjes die tegen elkaar geklemd zijn met 4 klinknageltjes. Tussen de twee plaatjes zitten restanten van een lederen tong. Het bovenste plaatje met de haak is 5,5 cm lang, maximaal 2,65 cm breed en 1,3 mm dik. Op de dorsale zijde ook hier gedreven lijnversieringen met tussenin arceringen. Het onderste plaatje is 4,3 cm lang, maximaal 2,2 cm breed en 0,7 mm dik. De ruimte tussen de twee plaatjes is aan de boekzijde 4 mm breed.

Bij deze sluiting werden koperen plaatjes gevonden die dienden als versteviging van de rug van het foedraal. De plaatjes vormen een rechte hoek. De dikte is 0,9 mm, de breedte is 7 mm en de lengte van de benen is 4,6 cm en 4,3 cm waaruit kan afgeleid worden dat het boek dat in dit foedraal bewaard werd een dikte had van ongeveer 3,5 tot 3,8 cm.

Op het schilderij „Oude vrouw in gebed - Gebed zonder end“ van Nicolaes Maes uit 1656 én op een schilderij van Frederik de Borman uit 1653 is een gelijkaardige sluiting te zien.

Dergelijke  sluitingen zijn moeilijk dateerbaar maar gelet op de vondstencontext mogen we aannemen dat dit exemplaar 17de eeuws is.

Vindplaats: klooster O.-L.-V. ter Riviere, Bree, kelder tegen het kerkgebouw in het gewelfpuin.

Foedraalsluiting (tekening)